In deze wintereditie van Skript is een themanummer over kritische geschiedenis.  Het essay van Puck Limburg geeft een uitstekende historiografische verkenning van kritische geschiedenis als geschiedkundige benadering.Een kritische benadering van geschiedenis is dan ook bij uitstek belangrijk bij het onderzoek naar mensen die in de geschiedenis niet de machthebbers waren maar de ondergeschikten. Het ingewikkelde van het bestuderen van deze groep is het feit dat ze weinig traditioneel bronnenmateriaal hebben geproduceerd. Vaak moet gekeken worden naar teksten die gaan óver hen, en dus geschreven door de heersende klasse. Dat ook die bronnen kritisch bestudeerd kunnen worden om een inzicht te geven in (post)koloniale machtsverhoudingen, laten de auteurs van dit nummer zien. Rosa Uijtewaal bestudeert Britse spotprenten waar ofwel de koloniale ‘Ander’, ofwel de Britse ‘Ander’, de arbeider, belachelijk worden gemaakt. Zij ziet dat in de negentiende eeuw beiden groepen op een vergelijkbare manier werden gekenschetst, namelijk als fysieke en morele tegenpool van de witte, Britse middenklasse. Opvallend genoeg vond tijdens en vlak na de Wereldtentoonstelling van 1851 een verandering plaats. U kunt in haar artikel lezen waarom dit was. Tibbe Jonker analyseert twintigste-eeuwse reclamefiguren van bedienende Afrikanen, zoals de Sarotti-Mohr. Wat was de betekenis van deze reclamefiguur voor post-Versailles Duitsland? Tot slot kijkt Donna Korsuize naar het begrip ‘Primitive Culture’, gemunt door Edward Tyler. Ze onderzoekt onder andere de popularisering van deze term in Britse kranten in de jaren na publicatie van Tylers boek. Ook hebben we in dit nummer een tweetal interessante interviews. Met Karwan Fatah-Black praatten we over de discrepantie tussen het publieke debat en het academische debat dat wordt gevoerd over de Nederlandse koloniale geschiedenis. En redactielid Sara Verveer heeft promovendus Alexander Geelen geïnterviewd over zijn onderzoek in het project Resilient Diversity. 

Skript 42.4

€ 7,50Prijs